 |
7. INTERVIEW MET MarinaB
Zèlf kiezen voor nabehandeling.
Gelukkig is er steeds meer mogelijk op het gebied van behandeling van borstkanker. Dankzij de ontwikkeling van richtlijnen is het ook steeds duidelijker wanneer welke behandeling het beste is. Toch lijkt nog niet iedere borstkankerpatiënt ook daadwerkelijk deze behandeling te krijgen. Een patiënte bij wie er twijfel bestond over de juiste nabehandeling is MarinaB (42 jaar).
Hoe kwam je er achter dat je borstkanker had?
"Eigenlijk was het toeval dat ik er achter kwam. In de periode vóór mijn diagnose had ik het met mijn zus over een mammografie die zij had laten maken n.a.v. de borstkanker van onze tante.
Ik was niet zo bekend met de kenmerken van borstkanker. Dat het een teruggetrokken tepel ook een aanwijzing voor borstkanker kon zijn werd mij pas duidelijk toen een tante van mijn man daaraan geopereerd moest worden. Zelf voelde ik en ik had ook een teruggetrokken tepel, en ik voelde (dacht ik) verkleefd weefsel. Ik weet het aan mijn leeftijd en het feit dat ik drie kinderen borstvoeding had gegeven.
Toen ik last kreeg van een slijmbeursontsteking ging ik naar de huisarts. Ik besloot haar tijdens de controle afspraak naar mijn borst te laten kijken. Ook zij dacht aan verkleefd weefsel, maar stuurde me voor de zekerheid toch door voor een mammografie. Later ontdekte ik ook nog een deuk in mijn borst. Na de mammografie, volgde een echo en een punctie. Een paar dagen later kreeg ik de uitslag. Ik bleek borstkanker te hebben.
Eigenlijk mag ik blij zijn dat ik een slijmbeursontsteking kreeg. Anders was ik waarschijnlijk pas veel later naar de huisarts gegaan."
Wat gebeurde er daarna?
"Korte tijd later werd ik borstsparend geopereerd en bestraald. En ik deed mee aan het "rasteronderzoek". Op basis daarvan zou bepaald worden of er nog verdere nabehandeling nodig was. Helaas bleken er te weinig cellen te zijn afgenomen om een betrouwbare onderzoek te kunnen uitvoeren.
Op basis van het verslag van de patholoog-anatoom stelde mijn internist-oncoloog toen chemotherapie, Herceptin en hormoontherapie als nabehandeling voor. Tegen het eind van mijn bestralingen, kwam ik weer bij haar. De behandeling bleek toch nog niet vast te staan. De keuze, wel of geen verdere nabehandeling, was aan mij.
Lang hoefde ik daar niet over na te denken: ik ging voor het hele traject. Ik ben moeder van drie kleine kinderen. Voor hen wilde ik alles op alles zetten. Ik wilde mezelf achteraf geen verwijten hoeven maken.
Deze keuze heb ik toen doorgegeven in het ziekenhuis. Ter voorbereiding op de behandeling ging ik naar de oncologie-verpleegkundige. Zij verwees me naar de (plaatsvervangend) arts. Mijn arts wilde toch afzien van verdere nabehandeling, want volgens Nederlandse en Europese richtlijnen was er geen indicatie voor adjuvante therapie.
Volkomen verbluft verliet ik de spreekkamer. Toen de assistente vroeg of ik geen vervolgafspraak hoefde te maken, begon ik te huilen. Zij stelde voor om een afspraak te plannen bij de oncologie-verpleegkundige. Aan de hand van het boekje "Interpreteren van het pathologieverslag" vertelde zij mij hoe e.e.a. in elkaar zat. Zij merkte dat ik door de hele gang van zaken in de war was en stelde daarom voor, een second opinion aan te vragen in een ander ziekenhuis. Gelukkig kon ik daar op korte termijn terecht."
Wat kreeg je in dat andere ziekenhuis te horen?
"Het advies van de arts daar was om toch de gehele behandeling te ondergaan. De cijfers logen er ook niet om. Als ik geen verdere behandeling zou ondergaan had ik 25% kans op terugkeer binnen 10 jaar. Als ik wel de gehele behandeling zou ondergaan zou ik nog maar 4% kans op terugkeer binnen 10 jaar. Dus de winst was 21%!
Waar dit verschil in advies door kwam weet ik helaas niet meer precies. Wat ik wel weet is dat mijn eigen arts uit ging van een tumor van ongeveer 1 cm. In het andere ziekenhuis gingen ze uit van een tumor van ruim 1 cm.
Dit gesprek bevestigde mijn oorspronkelijke keuze. Ik wist dat het een goede keuze was. En hoewel mijn eigen arts het er niet 100% mee eens was, heeft ze het advies wel opgevolgd. Had ze dat niet gedaan, dan was ik overgestapt naar het ziekenhuis waar ik ben geweest voor de second opinion."
Nog een heel andere vraag: veel Amazones verliezen (een gedeelte van) hun wimpers en/ of wenkbrauwen tijdens de behandelingen. Heb jij misschien wat tips?
"Een kleine maand na mijn laatste chemo werden mijn wenkbrauwen steeds dunner. Dit vond ik erg vervelend. Voor mij maken wenkbrauwen het gezicht. Ik heb toen wenkbrauwpoeder gekocht. Dit is verkrijgbaar in 4 verschillende kleuren, met een aantal malletjes in verschillende maten en een kwastje. Helaas is het niet goedkoop (ongeveer € 30,-) en moet je wel even oefenen voor een symmetrisch resultaat."
"Het verliezen van mijn wimpers vond ik wat minder erg. Ik dacht ook dat je, om nepwimpers te kunnen plakken, zelf nog wimpers moet hebben. Dat blijkt niet zo te zijn. Op advies van de verkoopster van het wenkbrauwpoeder heb ik een wimpersetje gekocht dat je ook kun gebruiken als je geen wimpers meer hebt. Een setje kost ongeveer € 8,-."
<- Terug naar nieuwsbrief
|
 |