Maisa

Hooiberg

Naar het waarom van mijn borstkanker ben ik altijd blijven raden.

Heb ik aanleg? Is het domme pech? Ben ik te jong ongesteld geworden? Of heb ik toch te weinig broccoli gegeten? Bij het erfelijkheidsonderzoek is niets gevonden. Ik heb dus in ieder geval geen bekende genetische mutatie.

Herinnering

Mijn vroegste herinnering is aan de dag dat mijn broertje werd geboren. Vanuit het huis van mijn oma en opa ging ik naar ons eigen huis. We reden in een oud Volkswagenbusje door de stad. Ik zat tussen opa en oma in. Ik weet nog dat ik het leuk vond om zo hoog te zitten. Zelf hadden we toen nog geen auto. Die autorit maakte misschien wel meer indruk dan het nieuwe broertje.

Goede voornemens

Op Nieuwjaarsdag is het in het park altijd druk met hardlopers. Die hebben goede voornemens gemaakt. De meesten houden het twee weken vol.

Ik maak geen goede voornemens. Ik ben tevreden met hoe het nu gaat en kijk niet heel ver vooruit.

Vanmorgen vond ik het relatief rustig in het park. Ik was dan ook heel vroeg aan het rennen. Uitslapen is er niet bij met Xeloda. De chemotabletten slik ik na ontbijt en avondeten, met ongeveer twaalf uur ertussen. Zo stond ik dus op Nieuwjaarsochtend om half acht brood te smeren. Zelfs mijn zoontje sliep nog.